Teletask Center

Speciaal CEE contactmateriaal voor veiligheidsspanning

Alle niet-plaatsgebonden elektrische bedrijfsmiddelen (apparaten) in geleidende omgevingen met begrensde bewegingsvrijheid moeten worden uitgerust met veiligheidsspanning of voeding met netscheiding: bijv. in ketels, reservoirs, buisleidingen of dergelijke omgevingen. Dit geldt ook voor ruimtes met geleidende omgevingen. Looplampen moeten van veiligheidsspanning worden voorzien.

Alle plaatsgebonden bedrijfsmiddelen moeten worden gevoed door veiligheidsspanning of voeding met netscheiding. Hieronder vallen armaturen die bijv. voor onderhouds- of reinigingswerkzaamheden op een vaste plaats zijn aangebracht en via een beweegbare kabel gevoed worden. Er mogen uitsluitend gereedschappen met beschermingsklasse II of III gebruikt worden.

Veiligheidsspanning ≤ 25V AC moet ook gebruikt worden voor alle niet-plaatsgebonden, ongeïsoleerde apparatuur die rechtstreeks met een dier in aanraking komt zoals melkmachines, scheerapparaten enz.

Eisen aan contactmateriaal voor veiligheidsspanning. De contactstop en contactdoos moeten afwijkend zijn van contactstoppen en contactdozen van andere spanningsvoorziening en mogen geen beschermingscontact hebben (VDE 0100 deel 410:1997-01).